Dan Van Severens broeiende iconen

portrait of artist Dan Van Severen is his studio, Ghent.

Over wat niet gezegd kan worden moet men zwijgen (zegt het Chinese spreekwoord). Maar de Vlaming Dan Van Severen schildert er over. In feite schildert hij over niets anders.’1

dan-van-severen-sans-titre

Sans titre, 1989 – via artnet.de

De werken van Van Severen (1927—2009) passen niet in een hokje. Toch is hij door kunstexperts tot de geometrisch-abstracten en het constructivisme gerekend.

‘Het wezenlijk onderscheid met deze stroming (het constructivisme, red.) is dat het bij Van Severen niet gaat om een bestuderen van materiële verschijningsvormen op zichzelf, maar om het overstijgen ervan: om het oproepen van een bovenzinnelijke dimensie.’
‘ … Het brengt tot een dieper bewustzijn van moeilijk te bepalen maar wezenlijke krachten in ons: instinct, intuïtie, geesteskracht, gemoedsbeweging, oerangst, levensdrift’.1

Contemplatie als inspiratie

Voor De bedachtzamen duidt de dichter en curator Roland Jooris de belangrijke aspecten van de kunstenaar:
Dan Van Severen ging als een echte Einzelgänger te werk. Hetgeen niet betekent dat hij volledig los staat van richtingen die hij op zijn weg ontmoette.
Aanvankelijk getuigt zijn kunst van een soort verinnerlijkt expressionisme. Later wordt hij geboeid door het constructivisme en de fundamentele schilderkunst.
Het mystieke en het poëtische schuilt in zijn vaak magere maar toch gelaagde schilderwijze, in de diepte van zijn onbestemde bijna religieuze meditatieve lijnvoering.

dan-van-severen-sans-titre-(triptych)

Sans titre (triptych), 1992 – via artnet.de

Jooris interviewde Van Severen in 2004 voor Ons Erfdeel over zijn manier van werken:
‘Nu kan ik uren, zonder iets te doen, naar die schilderijen in de maak zitten staren; ermee bezig zijn is geen verveling, het is integendeel actief bezig zijn. Ik kan uren, een hele dag op mijn atelier doorbrengen zonder dat ik getekend of geschilderd heb, maar ik heb die ruimte nodig, die werken, die atmosfeer, en dan komen er soms zeldzame ogenblikken, die worden zeldzamer en zeldzamer, maar ze worden intenser en intenser: de gesteldheid om het te doen.’ Werken als een vorm van wachten.2

We moeten durven tegen de tijd in (te) gaan

dan-van-severen-composition-(1974)

Composition (1974), 1974 – via artnet.de

Van Severen vond veertig jaar geleden dat we ‘moeten durven tegen de tijd ingaan’:
‘Ik hou van beperking. Mijn manier van werken laat geen grote produktie toe. Ik werk veel maar ik produceer weinig. Er is al overproduktie en overconsumptie genoeg in de wereld. Ik geloof niet dat kunstenaars op hun terrein daaraan moeten meewerken. We moeten durven tegen de tijd ingaan. Om een vergelijking te maken: iedereen dacht dat in deze turbulente tijd op godsdienstig vlak de contemplatieve orden geen zin meer hadden. Het blijkt nu dat de houding van de contemplatieven een zeer grote aantrekkingskracht heeft gekregen. We hebben nood aan bezinning, aan stilte, aan soberheid. Misschien zit er dan nog een kans in voor de mens om zichzelf te redden.’3

Zoals de winter alles zichtbaar en overzichtelijk maakt, brengen Van Severens schilderijen dat effect teweeg. Maar dit is een late winter, vlak voor de lente; tussen de ingehouden arceringen en iconische kruisvormen op het doek, broeit het.

Met dank aan Roland Jooris en zijn uitgever Querido voor de belangeloze medewerking.

Hoofdafbeelding: Dan Van Severen in zijn atelier in Gent (mei 2002) – copyright: Isabelle Pateer.
Overige afbeeldingen via artnet.de.

Geef een reactie